02 10 2001 Citaat van de week

Ze komt uit Limburg, maar je hoort het gelukkig niet...

"Frappant om te horen dat presentatrice Anniko van Santen zonder Limburgse tongval spreekt. Je zou het wel verwachten. Per slot van rekening heeft ze tien jaar in Maasniel gewoond, tussen haar negende en negentiende."

Zo begint een artikel van Bart Ebisch in Dagblad De Limburger (011001). Het moet dus wel heel merkwaardig zijn voor Bart, anders begin je je story niet zo.
Wij vinden het eerst merkwaardig als een presentatrice bij landelijke omroepen wél duidelijke Limburgse taalkenmerken zou hebben. Dat wordt nog niet getolereerd.

Maar nou komt de oplossing van het wereldraadsel waarom Anniko (citaat) "geen Maasniels accent" heeft: ze komt uit Zwolle, en - we citeren haar: "Ik herinner me nog dat ik iemand bij de bakker een vlaai hoorde bestellen. Ik verstond er helemaal niks van. Dacht: als ik ook zo ga praten snappen andere mensen mij ook niet. Daarom ben ik altijd Nederlands blijven praten."

Daar snappen wij nou helemaal niets van. Kan iemand waar ook ter wereld bij mensen die zo goed Nederlands spreken dat ze een baan krijgen bij de omroep, een Maasniels accent onderscheiden? Is dat anders dan een Horns? Wat een gezever.

Gezever II: de presentatrice suggereert dat mensen die in Maasniel geboren en opgegroeid zijn, absoluut niet verstaan worden in bijvoorbeeld Hilversum. Ook niet als ze het op school geleerde Nederlands beheersen?

Andere vraag: had ze geen Nederlands meer kunnen praten als ze Limburgs erbij geleerd had?

Wat een onzin allemaal. Maar ja: als het om Limburgs gaat, is alles geoorloofd. Er zijn meer vooroordelen dan er taalfouten in De Limburger staan - en dat wil wat zeggen.