Zondagnieuws 10 06 2001 (Editie Roermond)

Streektaalfunctionaris Pierre Bakkes pleit voor opvoeding in het plat

(Door Jean van Pol)

Gezeten in de kantine van de Nieuwe Lerarenopleiding in Sittard geniet leraar Nederlands Pierre Bakkes van één van zijn laatste werkdagen op dit onderwijsinstituut. Vanaf 1 juli gaat de neerlandicus in het provinciehuis in Maastricht fulltime aan de slag als streektaalfunctionaris. Wijzend op een groepje studenten begint Bakkes zijn relaas. "Zie je die jongens en meisjes daar? Eén van mijn belangrijkste taken zal zijn die leeftijdsgroep te overtuigen dat ze straks hun kinderen in het dialect gaan opvoeden. Want alleen zo houd je de Limburgse taal levend."

Er bestaan ontzettend veel Limburgstalige culturele uitingen, uiteenlopend van krantencolumns, literatuur en toneelopvoeringen tot tal van popbands. En toch voeden veel ouders hun kinderen in het Nederlands op. Daarvoor zijn meerdere verklaringen. Ten eerste vinden veel mensen het Limburgs geen volwaardige taal. En dat terwijl er wel degelijk zoiets bestaat als een grammatica van het Limburgs. Op wetenschappelijk niveau is daar al veel aandacht aan besteed. Ook wordt dialect spreken vaak ontmoedigd omdat veel ouders vinden dat hun kinderen geen zuiver dialect meer spreken. Omdat er bijvoorbeeld veel moderne woorden tussen zitten zoals 'computer', 'diskette' en 'video'.

Momenteel is Bakkes bezig met het opzetten van een schoolgrammatica die ook begrijpelijk is voor kinderen van een jaar of twaalf. 'Maar net als de hele wereld om ons heen is ook de Limburgse taal met de tijd meegegaan, aldus Bakkes. "Neem nou al die moderne afkortingen zoals bijvoorbeeld 'IT' (informatietechnologie). Voor mij is zo'n term net zo goed Limburgs als dat het goed Nederlands is. Mensen die het Limburgs willen bevriezen, zoals het bijvoorbeeld anno 1950 nog was, maken daarmee taal kapot.

Maar anderzijds ben ik er ook geen voorstander van typische Limburgse woorden te vervangen door een Nederiandse variant. Zo moet 'gans', 'gans' blijven en niet 'heel' worden en moet 'op vandaag' niet 'tegenwoordig' worden. Ik loop altijd in de 'scheem', nooit in de schaduw. Een zàkdoek? Wat is dat, nooit van gehoord. Nee, ik heb altijd een 'tesseplak' bij me."

Waek van 't Limburgs

Je ziet het steeds meer: jongeren die toch echt in Limburg geboren en getogen zijn maar die spontaan in de lach schieten als je vertelt dat je heel hard met de auto 'hebt gevaren'. Omdat ze, volgens de regels van de Nederlandse taal, denken dat 'varen' alleen voor een boot is weggelegd. Bakkes zet haarfijn uiteen hoe deze Babylonische spraakverwarring kan ontstaan: "Rieje' (rijden) kun je in het Limburgs alleen op een paard. 'Vare' betekent: je voortbewegen op ieder ander voertuig. Als iemand mij vraagt of het ver rijden was,. antwoord ik dan ook steevast: "'rieje' doe ik nooit, want ik zit nooit op een paard!"

In dit Europees Jaar van de Talen staat vooral de bevordering van de kennis van vreemde talen voorop. Bakkes is verheugd dat er op Europees niveau ook steeds meer aandacht is voor streekdialecten. "Nog deze zomer neemt de Europese Unie waarschijnlijk een notitie aan waarin de bevordering van streektalen, als zijnde een groot cultureel goed, centraal staat. Ook de provincie Limburg heeft daarvoor nu eindelijk middelen vrijgemaakt, onder andere tot uiting komend in mijn benoeming als streektaalfunctionaris. Dat werd ook hoog tijd, want lange tijd is het Limburgs toch een ondergeschoven kindje geweest."

Bovendien viert dit jaar de vereniging Veldeke - dat zich net als werkgroep Algemeen Geschreven Limburgs (AGL) en de stichting Dialect- en Cultuuronderwijs Limburg (DOL) inzet voor behoud van het Limburgs- haar 75-jarig bestaan. In dat ader wordt van 8 tot 16 september de 'Waek van 't Limburgs' gehouden. Daarbij worden alle provinciegenoten opgeroepen na te denken over de positie van de Limburgse taal en daarover met elkaar in discussie te treden. "Het klinkt misschien niet zo aardig, maar veel Limburgers zijn wat hun eigen taal aangaat semi-analfabeet. Ze kunnen het nauwelijks lezen, laat staan schrijven. Daarom vind ik dat het géschreven Limburgs zoveel mogelijk onder de ogen van de mensen moet komen, en niet alleen met carnaval. Ik ben ook bezig met het ontwikkelen van een Limburgse spelling waarin alle Limburgse dialecten, van Vaals tot Mook,

onder kunt brengen. Dat zal zeker geen eenvoudige opgave zijn. Of ik daar al vaak mee bezig ben? Nee, niet vaak, wel 'dök'!


Ook Wim Kuipers leest 'dök', 'altied' en 'ummer' alles wat met Limburgs te maken heeft. Lees zijn kanttekeningen bij dit interview.