13 01 2001 Limburgs Dagblad

Procedure rond streektaalfunctionaris verdeelt Provinciale Staten

Taalstrijd breekt uit in Limburg

Er was eens een provincie. Limburg genaamd. Een uitgestrekt gebied, met een dialect dat tot streektaal werd gebombardeerd. Dus besloot het provinciebestuur dat er een ’streektaalfunctionaris’ moest komen. En toen brak de taalstrijd uit.

Maastricht - door Paul Bots

De man die de zware taak op zich moet nemen, is al lang en breed bekend. Pierre Bakkes uit Roermond. Neerlandicus en gespecialiseerd in het Limburgse dialect. Een door vriend en vijand erkend deskundige. Als Provinciale Staten zijn benoeming goedkeuren, mag de goede man aan de slag. Maar Bakkes heeft één nadeel. Hij is lid van het Veldeke.
Tja, en Veldeke is nu eenmaal één van de strijdende partijen in Limburg. De ’tegenstanders’ zijn de stichting Dialect en Cultuuronderwijs Limburg (DOL) en de Werkgroep Algemeen Geschreven Limburgs (AGL). Drie kampen die zich met de Limburgse dialecten bezighouden, maar elkaar het licht in de ogen niet gunnen.
En zo gaat het mis. Bakkes is niet alleen líd van Veldeke, hij is ook nog eens naar boven gekomen uit een sollicitatieprocedure die door Veldeke op poten is gezet. Dat tot grote spijt van gedeputeerde Martin Eurlings, die naar eigen zeggen totaal verrast is door de werkwijze van het Veldekekamp. Maar ja. Bakkes is de beste kandidaat die de provincie zich kan wensen. Dus besluiten Gedeputeerde Staten dat ze de belabberde procedure maar voor lief nemen. Bakkes moet de functie krijgen.
In eerste instantie lijkt het allemaal vlekkeloos te verlopen. De provinciale statencommissie voor cultuur had de benoeming van Bakkes gisteren op de agenda staan. Oké, de procedure is een beetje schimmig, geven de politieke partijen toe. Maar er moeten snel maatregelen genomen worden om de Limburgse taal te behouden. Want zelfs in Zeeland zijn ze sneller op dit gebied, foetert de professor Roeland van Hout van de Nijmeegse universiteit.
Net als de zaak in kannen en kruiken lijkt, duikt er plotseling een brief op van de stichting DOL. Verstuurd op 11 januari 2001, één dag voor de vergadering. In het advies aan Provinciale Staten staan ’pertinente onwaarheden’, schrijft DOL-voorzitster Leonie Robroek. DOL roept de statenleden op om het voorstel van GS af te wijzen.
De paniek is groot. De vergadering wordt geschorst. Op de gang vindt een nieuw, door de locatie ook openbaar, debat plaats. We moeten voorkomen dat we Bakkes beschadigen, klinkt het. Dus is er maar één oplossing. Het debat moet beëindigd worden. Maar wanneer gaan we dan verder, klinkt het. De discussie laait op. Het reglement van orde van de commissie komt op tafel. Er moet hoofdelijk gestemd worden, blijkt uit de regels. De uitkomst is na een kwartiertje duidelijk. Tijdens de komende vergadering van Provinciale Staten staat het onderwerp op de agenda. Uitstel tot volgende maand is niet nodig.
En Bakkes zelf? Die wacht gewoon af. De functie ziet hij nog altijd zitten. ,,Dit is het beste en het leukste werk dat ik kan doen," vertelt hij. ,,En hoe ik me nu voel, dat vertel ik over vijf jaar. Als ik weer weg ben uit die functie."