23 01 2001 Dagblad De Limburger (opinie)

Als het met besluitvorming helemaal mis loopt, hebben bestuurders altijd nog de schoonheidsprijsformule. Een ideaal middel om fouten te verbloemen. Vandaar dat je steeds vaker hoort: "Het verdient geen schoonheidsprijs, maar..."

Leve de schoonheidsprijsformule

Door Margriet Smeets

Het schijnt dat de benoeming van de Limburgse streektaalfunctionaris onoirbaar is verlopen via handjeplak en zwaan kleef aan. Kwaliteitscriteria zijn relatief natuurlijk, maar een procedure heeft toch wel absolute kenmerken. Eigenaardig dat de provincie die vaak baat heeft bij rigide toepassing van regels, in dit geval de teugel heeft laten vieren.

Waarschijnlijk heeft gedeputeerde Eurlings ingeschat dat de wet van de kleine getallen van toepassing was. Weinig mensen die zich ermee bezighouden, geen miljoenenproject, dus weinig stampij te verwachten. En mocht iemand doordrammen, dan wordt de schoonheidsprijsformule van stal gehaald. Deze formule verloopt als volgt. In de media reageert iemand op een misstand. Er zijn twee mogelijkheden, de verantwoordelijke persoon reageert of reageert niet. Wanneer iets meer commotie ontstaat, volgt overleg en daarna komt de welbekende uitspraak: 'Het verdient geen schoonheidsprijs, maar......' Op het stippellijntje moet iets worden ingevuld en de meeste Limburgers kunnen zo onder de hand een heel rijtje opsommen:
1. we wilden de zaak snel afhandelen
2. het leek ons een goede oplossing
3. anders zou het nog meer uit de hand lopen
4. we stonden met de rug tegen de muur
5. we hebben ons uiterste best gedaan
Soms wordt nog gebruik gemaakt van: we wisten niet dat de zaak zo gevoelig lag. Daarmee is aan het ritueel voldaan en gaat men over tot de orde van de dag. Dat is eigenaardig want het overgrote deel van Limburg is opgegroeid met mea culpa, omdat de kerk vindt dat schuld bekennen mensen in een ontvankelijke positie plaatst om het ware geloof te kunnen aanhangen. Maar hoort u een gezagsdrager wel eens zeggen: inderdaad, fout besluit, wij hebben het verkeerd gedaan en wij draaien de zaak terug? Altijd komt die schoonheidsprijsformule op de proppen. Dit cliché is een goed gekozen symbool voor de optische benadering van de werkelijkheid. Er wordt mee gesuggereerd dat intrinsieke waarden doorslaggevend zijn geweest bij de besluitvorming en ja, dan moet je wat mislukte vormgeving maar voor lief nemen. Ongeveer zoals je vroeger te horen kreeg dat een hartje van goud meer waard was dan een mooi uiterlijk. Hartjes van goud kunnen in kleine kring heel waardevol zijn, maar daarbuiten schuift het niks, behalve wanneer je toch al hoog in de boom zit. Iemand die maatschappelijk carrière heeft gemaakt, kan de beeldvorming rond zijn persoon aanzienlijk versterken met goede werken, benefietvoorstellingen en af en toe een zaterdagmiddag bejaardenwandelen. Wanneer de carrière ontbreekt, valt onbaatzuchtig vrijwilligerswerk in een zwart gat. Het is onzichtbaar zonder persfotograaf.
De overheid heeft meer positieve communicatie nodig. Het is logisch dat het huidige informatiebombardement, dat inslaat van mediahype naar de volgende mediahype, zorgt voor steeds verfijndere communicatietechnieken. De beste reclame is niet rationeel, maar slaat eens flink in de onderbuik. Overtuigen is een anonieme bezigheid en niet veel mensen voelen zich aangesproken. Wanneer iemand persoonlijk op zijn gevoel geraakt wordt, valt het kwartje wat sneller. Toch zie je in de communicatie van de overheid vooral een onsamenhangend tweesporenbeleid. Aan de ene kant aandacht voor de uiterlijke vorm - een goed voorbeeld is het Provinciaal Omgevingsplan (POL), dat met meerkleurendruk en duur papier vooral de indruk wekt dat het van een super winstgevend bedrijf vandaan komt - terwijl tegelijkertijd krampachtig de oude vertrouwde autoritaire lijn wordt aangehouden. Gezagsdragers laten zich graag aaien door het dogma van de pauselijke onfeilbaarheid. Dat begrijp ik niet zo. Het menselijk tekort showen, liefst in combinatie met berouw, werkt toch ook prima? Kijk maar naar Bill Clinton. Het diskrediet van zijn morele reputatie deed geen afbreuk aan de algemene opvatting dat hij een bekwame president was. Maar misschien is men bij de provincie Limburg nog niet in staat tot zulke dubbele salto's. Het vereist wat vindingrijkheid en durf om eens een andere invalshoek te proberen. Onelegante besluitvorming - weer zo'n verdoezelende toevoeging - zou in het geval van de benoeming van de streektaalfunctionaris best anders gebracht kunnen worden dan wat we nu te horen kregen: 'Dat bleenk auch', zag de gedippeteerde, en hae wieksde de sjeun mit sjroep.

M. Smeets is werkzaam op het gebied van communicatie.

dinsdag, 23 januari 2001