12 10 2001
Eus Moojertaol

De Veldeke Krink Mestreech doet gewoon wat binnen Veldeke Limburg als een vloek wordt gezien: een eenheid creëren, en - maar dat weten we niet zo zeker: voorschriften uitvaardigen. In elk geval heeft het gemeentebestuur een officiële spelling vaan 't Mestreechs erkend, waarbij we Mestreechs vooral moeten zien als de taal van de binnenstad. De mensen van Heer (een zeer grote wijk) spreken behoorlijk anders. Nou: dat is dan gewoon 't Hiers, nummer zoveel van de 567 verschillende dialecten in de beide Limburgen. Moeten mensen uit Heer dan maar hun eigen spelling aan de gemeente aanbieden?

Maar goed: dit lijkt knoteren, en dat willen we niet. We begroeten met vreugde het tweede deel van de Mestreechter Trilogie: het boek: Mestreechs. Eus Moojertaol. Hierin staat onder meer - zegt het voorbericht - een grammatica van het Maastrichts. dat wil zeggen: de beschrijving van de Maastrichtse grammatica. Daar zijn we zeer benieuwd naar, want er wordt vermoedelijk niets voorgeschreven: zo moet het, maar beschreven: dit valt vandaag de dag te horen. Het boek is dan ook niet van de eerste de beste, maar geschreven door dr. Flor Aarts (geb. 1934), die hoogleraar moderne Engelse taalkunde was in Nijmegen. Een echte taalkundige dus, geen socio-linguïst, u weet wel die lui die vooral belangstelling hebben voor het veranderen en verdwijnen van taal.

Allez: wij hopen, nee verwachten dat dit boek een standaardwerk wordt, en dat de aanpak van dr. Aarts een hulp zal zijn bij het maken van een grammatica van het Limburgs. Die moet er volgens de Raod veur 't Limburgs komen. Het zal duidelijk zijn dat dat helemaal geen voorschrijvende (prescriptieve) grammatica kan zijn, maar een descriptieve (beschrijvende).

Bij de grammatica behandelt dr. Aarts ook de spraokklaanke en 't klaanksysteem van het Maastrichts. En er komt een hoofdstuk over de spelling, die formeel gezien NIET tot de grammatica hoort. Even plagen: we zijn benieuwd hoe de spelling van de gesproken verbindingsklank /n/ verduidelijkt gaat worden, de klank tussen - laten we het eenvoudig houden - een woord dat op een klinker eindigt en het volgende woord dat met een klinker begint. In de uitnodiging ontwaren we: "hiebove noteert, weureN opgenome in de (...)", en "dinger kinne opzeuke". Hoe moet je dit onderscheid leren? Luisteren? Waar, naar wie?

Maar goed: we verwachten veel van dit boek, dat op 14 november gepresenteerd wordt. En als het kan meehelpen dat mensen beter - authentieker - Limburgs gaan spreken en schrijven, zijn we opgetogen. We herinneren ons echter tirades (in weekblad De Maaspost) van de hoofdstedelijke Veldeke Krink over voil Mestreechs. Bedoeld was vaak: Maastrichts met invloeden van buiten de binnenstad - van de boeren dus. Over twee jaar verschijnt de herziene druk van het woordenboek van het Maastrichts. Mocht het dan zo zijn dat alles wat niet in beide boeken staat verboden wordt, althans dat auteurs al het 'vreemde' uit zullen bannen, dan moeten we helaas spreken van een verarming van Häör Moojertaol. We hebben liever prachtig beeldend Hiers (of Maers - Mheer) dan angstig correct stads-Maastrichts.

PS: De titel van het boek 'Eus Moojertaol' is in strijd met de zg. Maastrichtse Spellingsregeling. Dat had moeten zijn: Mojertaol, met één o. Ja daar gaan we weer… wie schrijft wie wat voor?

WK