RONELLA MUL, De Journalist (Blad van de Nederlandse Beroepsjournalisten), 18 08 2000
 
'Wat deit dae Hollender op ôzze zender?'
 
'Het is ein kwestie van geduld, rustig wachte op den dag, dat heel Holland Limburgs lult', zingt de Limburgse band Rowwen Hèze.
Zover zal het wel nooit komen, maar mogen de Limburgers wat de Friezen ook mogen? En lukt het hun uit de verschillende dialecten één 'algemeen beschaafd' Limburgs te creëren? De Partij Nieuw Limburg (PNL) kwam met een plan om meer eenheid te brengen in de streektalen. Limburgs is geen officiële taal, maar kent ongeveer 550 plaatselijke dialecten. Een geschreven Limburgse eenheidstaal leek de PNL een goed plan.
De meningen hierover zijn verdeeld. Volgens de adjunct-hoofdredacteuren van Dagblad De Limburger en het Limburgs Dagblad een overbodige actie.
 
Peter Stiekema (Limburgs Dagblad): 'Het is leuk, maar niet functioneel'. Ger Bouten (Dagblad De Limburger): 'Een nieuwe taal kun je niet stichten'.
Ook in Limburg ondervinden redacteuren weinig problemen met de taalverschillen aldus de beide adjunct-hoofdredacteuren. Het Limburgse taaltje kan iedereen met een beetje inzet verstaan. Op de redacties is het nog nooit voorgekomen dat een journalist geen interview kon afnemen of verslag kon doen van een evenement omdat hij niet uit Limburg kwam.
'Op gemeenteraadsvergaderingen of andere openbare aangelegenheden wordt altijd gewoon Nederlands gesproken', vertelt Bouten, 'daar kan iedereen heen. Ook een Limburgs echtpaar dat vijftig jaar getrouwd is kan gewoon door een niet-Limburgse journalist geïnterviewd worden. In het begin is de taal misschien even wennen, maar met een beetje inzet kan je alles verstaan.'
 
Dagblad De Limburger heeft 167 medewerkers, van wie iedereen gewoon Algemeen Beschaafd Nederlands spreekt. Daarnaast spreekt de meerderheid van de redactie ook nog een dialect. Ook bij het Limburgs Dagblad spreekt iedereen Nederlands op de redactie. Van de 85 medewerkers is de helft Hollands en de andere helft komt uit Limburg. Onderling wordt ook daar dialect met elkaar gesproken, maar voor alles geldt dat het voor een buitenstaander goed te volgen is.
'De overgang van dialect naar Nederlands gebeurt eigenlijk ongemerkt. Met een Limburger die hetzelfde dialect spreekt, praat je dialect. Met een niet-Limburger Nederlands. Het gaat als vanzelf', vertelt Stiekema, zelf van oorsprong een Brabander. Beide kranten hebben de gewoonte alleen bij hoge
uitzondering dialect in de krant te gebruiken. Bouten: 'Alleen als het functioneel is plaatsen we dialect en dan eigenlijk alleen een citaat of opmerkelijke uitspraak. Een ingezonden brief in het dialect wordt niet geplaatst'. Stiekema: 'Af en toe plaatsen we een citaat in dialect. Meer niet'.
 
Bij de regionale zender van Limburg L1 radio en televisie, in juni 1999 ontstaan uit de fusie Omroep Limburg en TV8 Limburg, wordt ook gewoon Nederlands gesproken. Karel Siebers, eindredacteur radionieuws: 'Als we iets in Limburgs dialect uitzenden moet dat een reden hebben. Bij typische
plaatselijke zaken wordt er nog wel eens in het dialect verslag gedaan. Maar dat betekent niet dat iemand die het dialect niet onder de knie heeft geen verslag kan doen. Het verslag gebeurt dan in het Nederlands, reacties in het dialect'. Want elke Limburger schijnt het er over eens te zijn dat iemand die geen Limburgs spreekt, dat ook niet moet proberen. Kritiek op het geringe gebruik van het dialect krijgen de kranten en de omroep niet. Wel is het voor de luisteraar af en toe wennen de harde 'G' klanken van een Hollander te horen. Heel sporadisch krijgt de radiozender nog wel eens commentaar van een vertrouwde, maar vooral oude, luisteraar als: 'Wat deit dae Hollender op ôzze zender?'.