Platte vlaaj

Wat is er Limburgser dan vlaai? De Italianen hebben hun pizza, de Mexicanen hun tortilla's, en de Limburgers hebben hun vlaaien. (Proemevlaaj, keesjevlaaj, äöftevlaaj, lödderkesvlaaj, órbeltevlaaj, krosjelevlaaj, greumelkesvlaaj, knuddelkesvlaaj en knubbelkesvlaaj.)
U ziet ook dat in het AGL 'vlaaj ' correct gespeld is, i.p.v. die malle Nederlandse spelling. waarin de klinker 'i' als medeklinker 'j' misbruikt wordt (kooi, mooi, maaien, enz.).

Vlaai is een oud Germaans woord. Het komt van "vlade", dat betekent: een brede, dunne, platte koek.
Vooral dat plat is belangrijk. Een goede vlaai moet immers plat zijn. Dat plat gaat terug naar een oude Indogermaanse stam, namelijk "flato". Dat betekent: breed en plat.

De Nederlandse koeievlaai, in het Limburgs 'kooflat' die door de runderen op de wei te drogen gelegd wordt, is dus hetzelfde woord als onze smakelijke Limburgse vlaai.
'Ein gooj vlaaj is dun van laer en dik van sjmaer.' (Een goede vlaai is dun van leer en dik van smeer). Een 'vlajan' is iemand die graag vlaai eet, een lekkerbek dus.

Het basiswoord van vlaai vinden we ook nog terug in het Engels: flat. En ook in het Noors. Het Noorse 'fladje' is een vlak veld of een vlakke wei.
Dit 'flat' ligt ook aan de basis van een paar Franse worden. 'Flatir' of platmaken komt daarvandaan. Ook het Franse 'flatter', namelijk strelen of aaien, komt van deze stam. Van oorsprong is het: iets strelen met de vlakke hand.

Als men in Maastricht zegt: 'det klèdje flatteert dich sjoen ' (die jurk staat je goed) dan meent een Maastrichtenaar misschien dat hij een koket Frans woord gebruikt. Maar eigenlijk is het een woord dat in een andere betekenis via de omweg van het Frans weer terug naar Limburg is gekomen.

Echte Limburgse vlaai is natuurlijk gemaakt met fruit dat hier groeit. Een abrikozenvlaai kan nog net ermee door, vooral als er 'lödderkes' (deegladdertjes) op liggen. Maar een ananasvlaai is eigenlijk een aanslag op de Limburgse vlaai. Ananas dat groeit hier niet en hoort dus ook niet thuis op een vlaai. (ook niet op een pizza, overigens)
De meest Limburgse vlaai is de 'greumelkesvlaaj ', de kruimeltjesvlaai. De 'greumel' of deegknobbeltje is een echt Limburgs woord. 'Greumele' bestaat ook als werkwoord en het betekent kruimelen, of brokkelen. Het woord 'greumel' wordt alleen nog in Nederlands - en Belgisch Limburgs gebruikt. In Duitsland is het verdwenen en overgegaan in 'Krümel'.

Ook die 'greumel' gaat terug naar een Indogermaanse stam. Vinden we terug het Grieks 'grümus', (kluit, klomp) en nog in het Russisch "groem" wat aardkorst betekent.
Het Limburgs gezegde 'ein greumel in de träöt höbbe', kun je letterlijk vertalen als 'een kruimel in de trompet hebben'.
Maar het betekent 'hees zijn, schor zijn, een hinderlijk obstakel in de keel hebben.

En ja, zou de Limburgse vlaai, die iedere dag met vrachtwagens naar Holland geëxporteerd wordt, ook niet gewoon 'vlaaj' gespeld moeten worden? Lijkt ons een betere spelling.
Een 'pizza' blijft toch ook een pizza, ook al zijn de Nederlanders erin geslaagd om de Mozarella door Goudse te vervangen en het beleg (soms) door ananas. Bah, ananas met kaas!

(p.p)

PS. Spelling van Griekse, Russische e.a. woorden die speciale tekens vereisen: we zoeken nog naar een compromis voor een geschikte letterset waarmee we deze woorden in de originele vorm kunnen weergeven, zonder dat u rare hypertext-verschijnselen (de tags) op het scherm krijgt.